“Het is haast psychologische oorlogsvoering”

Supporters zorgen altijd voor een goede of slechte sfeer in een stadion. Ze stoppen hun hele ziel en zaligheid in hun “cluppie”. Maar hoe komt het dat het gedrag van supporters zo verschilt van het dagelijks leven? ‘Supporters van Voetbal’ vraagt het aan socioloog Ramon Spaaij (34), werkzaam in Melbourne, die in 2010 een onderzoek over de sociale invloed van sport publiceerde.

ramon-spaaij

Hoe komt het dat mensen zich zo anders gedragen op de tribunes?

“Het is een combinatie van redenen eigenlijk. Enerzijds de collectieve energie: het in grote massa verkeren en dus ook het ,tot op zeker hoogte, opgaan in die massa met bepaalde rituelen, zoals liedjes zingen en bepaalde kleding aan doen. De sport is dus een plaats waar je op kan gaan in het collectief zeg maar. Er heerst een sterke wij-identiteit en met name ook bij bepaalde wedstrijden een wij-zij denken. Als voorbeeld kan je nemen de Feyenoordfan tegenover Ajax. Daar gaat het om “Wij” (Feyenoord), ten opzichte van “Zij” (Ajax). Of zelfs 010 ten opzichte van 020.

Anderzijds is het ook een stukje anonimiteit met name waar het gaat tussen jongeren. Je kan je dingen doen waar je normaal gesproken op je werk of school niet mee wegkomt. Er heersen ook andere informele regels en normen en waarden. Je hebt natuurlijk wel altijd de officiële regels, die bijvoorbeeld de politie en stewards handhaven, maar op de tribune tussen supporters gelden eigenlijk hele informele regels. Daarbij komt ook nog bij dat het bezoeken van wedstrijden kan fungeren als uitlaatklep. Bij een wedstrijd kunnen bepaalde frustraties uit het dagelijks leven geventileerd worden. Waar school of werk heel routinematig is, is een wedstrijd bezoeken dat niet. Het doorbreekt eigenlijk die routine. Het is iets wat zich onderscheid van het dagelijks leven en dat maakt het ook zo bijzonder.

agressie

Je had het over frustraties en frustraties slaan soms ook om in agressiviteit. Waar komt die agressiviteit vandaan?

“Ik denk dat als er heel sterk wij-gevoel is en dus ook een heel sterk zij-gevoel. Dan hoeft er maar iets te gebeuren en de vlam slaat in de pan. Supporters hebben ook altijd een heel goed collectief geheugen, dus dingen uit het verleden die worden niet snel vergeten. Bepaalde momenten die zijn gebeurd die leven dus door in die supporterscultuur en met name bijvoorbeeld bij Ajax en Feyenoord. Daar is het heel extreem en daar kan het ook aan kleine incidenten in de wedstrijd liggen. Bijvoorbeeld toen Richard Witschge de bal heel lang ging hooghouden voor de tribune met Feyenoordfans, dat was dus gelijk olie op het vuur zeg maar. Maar het kan ook andere oorzaken hebben, denk maar aan een dubieuze beslissing van de scheidsrechter of provocerend gedrag van spelers. In zo’n setting kan het heel snel omslaan, waarbij zo’n wij-gevoel gepaard gaat met best wel een diepe haat voor de tegenstander. En het legitimeert dus om grensoverschrijdend gedrag te vertonen en daar wordt dus dan ook vanuit de eigen supporters eigenlijk niet meer tegenop getreden. Dus die onderlinge sociale controle is dan heel anders. Dan kan het zo zijn dat hoe gekker je doet of hoe stoerder je doet hoe meer dat gewaardeerd wordt. 

Hoe komt het dat supporters zo begaan zijn met hun club?

“Er is echt een hele grote emotionele investering vaak. Ik heb toch ook het gevoel dat het echt een zoektocht naar identiteit en gemeenschap is. Soms wordt er ook wel een relatie gelegd tussen sport en religie. Het idee is, dat we over het algemeen minder religieus zijn en minder naar de kerk gaan. Bijvoorbeeld als je naar Rotterdam-zuid kijkt. Vroeger veel mensen die woonden of werkten in Zuid, in de haven. Dus die woonden in de buurt of in Dordrecht of Noord-Brabant die kant uit en die waren vaak vrij religieus en dat is helemaal weggevallen. Waar je in het verleden misschien naar de kerk ging, is dus nu het stadion in dat opzicht een soort kathedraal. En voor sommige mensen is die beleving net zo sterk. Een religieus en spiritueel moment en voor veel voetbalsupporters kan je het bezoeken van een voetbalwedstrijd ook zo zien. Ik kan mij nog herinneren uit de geschiedenis van sommige clubs dat het vroeger heel erg taboe was om naar de voetbal op zondag te gaan, want zondag mocht je niks doen. Ik heb verhalen gehoord van mensen die wel op zondag naar het voetballen gingen en dat er op hen neer werd gekeken, omdat ze dat op zondag deden. Nu is het eigenlijk precies andersom. Nu is op zekere hoogte het stadion eigenlijk de vervanging van de kerk. Het stadion is de tempel en de spelers zijn heilig, tenzij ze voor de verkeerde club spelen natuurlijk.”

vak g

Ik heb nu al een aantal stadions bezocht voor mijn blog en wat mij opvalt is dat er vaak één persoon is die zich al leider van de groep opstelt en alles gaat voorzingen wat de rest moet gaan zingen of roepen.

“Dat is natuurlijk het wonderlijke van het ritueel. Je hebt in de kerk bijvoorbeeld ook een pastoor en die gaat ook voor in het gezang. En je hebt ook andere rollen, want de een gaat voor in het gezang en de andere doet weer achter de schermen de spandoeken bijvoorbeeld of anderen die het vervoer naar uitwedstrijden regelen of kaartjes regelen. Je hebt dus wel een rolverdeling. Het is niet echt een kwestie van leidende figuren, maar het zijn wel  mensen die het voortouw nemen en waar anderen dan weer als kuddedieren achteraan lopen, maar het is meer dan dat. Ze hebben die personen ook uitgekozen. Haast een democratisch gekozen persoon om de boel een beetje te leiden.

IMG_2394

En dat is dan vaak ook iemand die toevallig het zingen doet.. Het is ook een beetje een onderdeel van de rituelen, waarbij je je onderdeel voelt van zo’n gemeenschap. Het is ook vrij territoriaal. Al de stadions waar jij bent geweest, die hebben toch allemaal een vrij intimiderende sfeer als jij daar als uitsupporter of als speler van de tegenstander komt.

IMG_2489

Historisch bijvoorbeeld de Adelaarshorst en vroeger natuurlijk het oude stadion van FC Utrecht. Dus het territoriale speelt ook mee en ook het intimiderende. Het thuispubliek probeert ook echt de uitploeg te domineren. Het idee van thuisvoordeel is dat ook. Niet alleen praktisch door meer wedstrijden te winnen, maar het is haast psychologische oorlogsvoering. Het intimideren van de tegenstander en laten zien van wie dit stadion eigenlijk is.” 

Wat mij opvalt in stadions is ook dat het gehalte van kuddegedrag erg hoog is.

“Absoluut. En dat is ook wel iets menseneigen. Dat aan de ene kant zijn we geïndividualiseerd en we willen allemaal onze eigen keuzes maken en andere kant ook echt die hang nog steeds naar onderdeel zijn van iets groters en ergens bij willen horen. Dat is precies wat een voetbalwedstrijd levert.”

Advertenties

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s